Rijksmonument aan Westzijde in de steigers

Erg opvallend is het pand niet, maar het is wel een heus ‘Rijksmonument’: de drie voormalige brug- en spoorwegwachterswoningen langs de Hoornselijn bij de Westzijde.

Jarenlang stond het te verkrotten maar plots zagen we steigers en renovatiewerk.

Het pand dateert uit ongeveer 1884 toen de spoorlijn Zaandam-Hoorn-Enkhuizen werd geopend. Ooit was daar de halte Zaanbrug, maar het houten haltegebouwtje is verdwenen. De woningen (Westzijde 428, 430 en 432) “verkeren op enkele vernieuwde vensters en deuren na nog grotendeels in de oorspronkelijke staat” aldus de tekst van een monumentenroute.

Ze liggen vrijwel recht onder de hoogspanningslijnen, dus wonen mag je er waarschijnlijk niet.

Boven de woningen nu in de steigers, onder in 1993 gefotografeerd door Ronald Peeters voor De Typhoon (Gemeentearchief Zaanstad).

Deel dit artikel:

5 reacties op Rijksmonument aan Westzijde in de steigers

  1. Leuke plek voor een galerie. Goed bereikbaar per trein.

  2. Berend Verhage schreef:

    Nou ja hoogspanningslijnen zijn het in feite niet want het is gewoon 800 volt gelijkstroom

  3. Bert Versteeg schreef:

    op de website https://www.monumenten.nl/monument/518065 meer informatie oer deze woningen:

    Inleiding

    Blok met drie uit circa 1883 daterende BRUGWACHTERSWONINGEN gelegen aan de noordwestzijde van de in 1884 geopende spoorlijn Zaandam-Hoorn-Enkhuizen, tussen de draaibrug over de Zaan en de spoorbrug over de Westzijde (beide vernieuwd). Het op de spoordijk gebouwde pand behoort tot het toenmalige standaardtype van de Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij (HIJSM). De woningen verkeren op enkele vernieuwde vensters en deuren na nog grotendeels in de oorspronkelijke staat. Tegen de kopse zuidwestgevel bevond zich oorspronkelijk een houten haltegebouwtje onder plat dak.

    Omschrijving

    Op L-vormig grondplan opgetrokken blok met drie brugwachterswoningen, van één bouwlaag onder een samengesteld dak bestaande uit twee haakse zadeldaken gedekt met gesmoorde en rode kruispannen (oorspronkelijk in een ruitpatroon). Het zadeldak van het evenwijdig aan de spoorlijn gesitueerde hoofdvolume waarin twee woningen zijn ondergebracht, sluit aan tegen het linker (ZW) dakschild van het dwarsvolume (de basis van de “L”). In het dwarsvolume, dat aan de spoorzijde enigszins en aan de achterzijde sterk risaleert, bevindt zich een grotere woning. Het buitenmuurwerk is gepleisterd en gewit boven een lichtgrijs geverfde plint. De drie kopse gevels zijn uitgevoerd als topgevel en, evenals de noordoostgevel, ter hoogte van de verdiepingsbalklaag voorzien van smeedijzeren schootankers met een gekruld ondereinde. Boven de topgevels heeft het zadeldak een op geprofileerde balkeinden rustend overstek waarlangs rechte windveren die samenkomen in een makelaar. Onderlangs beide zadeldaken bevinden zich zinken mastgoten. Het merendeel van de vensters heeft afgebiljoende dagkanten en dito getoogde ontlastingsbogen.

    De voorgevel (ZO) telt drie driedelige vensters voorzien van drie gekoppelde tweeruits onderramen en enkelruits bovenlichten: één in de licht risalerende topgevel rechts en twee in het hoofdvolume. Tussen beide laatste bevinden zich naast elkaar twee voordeuren met bovenlicht. De topgevel rechts is voorzien van een verdiepingsvenster. Op het voorschild van het hoofdvolume staat ter hoogte van beide driedelige vensters een kleine dakkapel voorzien van een stolpraam en een overstekend schilddak met een uitgeknikt voorschild bekroond door een piron.

    Onder het middelste van de drie vensters in de rechterzijgevel (NO) bevindt zich een klein keldervenster en links hiervan een voordeur met bovenlicht.

    De linkerzijgevel (ZW) is gesloten. De achtergevel (NW) heeft halverwege het hoofdvolume een kleine, nagenoeg vierkante uitbouw waarboven het zadeldak zich lager voortzet. In de lage noordwestgevel van de uitbouw bevinden zich twee toiletraampjes en in beide zijgevels een achterdeur met bovenlicht. Ter weerszijden van de uitbouw is de achtergevel voorzien van een paar vensters. Het meest linkse venster heeft nog het originele zesruits schuifraam. Onder dit venster en het rechter venster van het andere paar bevindt zich een klein keldervenster. De topgevel (van de dwarsbouw) links heeft op de verdieping een vierruits schuifvenster. Rechts om de hoek van deze topgevel bevindt zich een achterdeur met bovenlicht waarnaast links een toiletraampje.

    Inwendig verkeren de woningen nog grotendeels in de oorspronkelijke staat. De drie woningen hebben onder meer op de begane grond een woonkamer aan de spoorzijde (nrs. 428 en 430 nog met originele schouw) en naast de aan de achterzijde gelegen keuken een onderkelderde opkamer.

    Waardering

    De drie aaneengeschakelde brugwachterswoningen zijn van algemeen belang wegens architectuur- en cultuurhistorische waarde als grotendeels gaaf bewaard gebleven brugwachterswoningen uit het laatste kwart van de 19de eeuw, volgens gestandaardiseerd ontwerp van de HIJSM. Daarnaast heeft het pand situationele waarde vanwege de beeldbepalende en historisch-functionele ligging op een spoordijk tussen de spoorbruggen over de Westzijde en de Zaan.

Hier vind je onze regels

Reageren? Ja, graag!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.