De laatste sigaret, het begin van het Dampwinkeltje

Het Dampwinkeltje in Krommenie is een Dampwinkel geworden. Misschien zelfs wel een Dampsuper.

Het bedrijf is verhuisd van het knusse pandje op het Vlietsend, naar een grote lichte winkel even verderop. Daar is ruimte voor de meer dan vierhonderd producten voor de e-sigaretrokers.

Is die groei het resultaat van een slim in de markt gezet alternatief voor de klassieke sigaret of is het succes te danken aan de toenemende bewustwording dat roken niet meer kan? ‘Beide,’ zegt Laura de Lange die samen met haar man Michael de succesvolle ondernemers van het Dampwinkeltje zijn.

‘Steeds meer mensen beseffen dat roken ongezond en niet stoer is, maar hebben toch moeite om het te laten. De e-sigaret is een goed middel om te helpen bij het stoppen of het terugbrengen van het nicotinegehalte. Tachtig procent van onze klanten rookt niet meer, maar houden met de e-sigaret wel het gevoel dat zij roken.’

De e-sigaret bestaat uit een tankje met vloeistof en een lontje dat met behulp van een batterij wordt verhit. De roker inhaleert de damp die daardoor vrijkomt. Nicotine kan een bestanddeel zijn van de vloeistof dat je afbouwt tot heel weinig of niets.

Noodgedwongen ondernemers

Het Dampwinkeltje is ontstaan in 2012 toen Laura en Michael weer eens besloten om te stoppen met roken.

‘We hadden kleine kinderen en dat gaat niet samen met roken. Je voelt je steeds ongemakkelijker als je weer buiten staat voor een peuk. Van vrienden hoorden we enthousiaste verhalen over de e-sigaret die nog niet zolang op de markt was. We vonden het de moeite waard om het ook te proberen en het bleek goed te werken.’

Van het een kwam het ander. Het succes deed de ronde in de familie- en kenniskringen en steeds verder daarbuiten. Door deze mond-tot-mondreclame kon Michael steeds meer e-sigaretten en toebehoren in China bestellen. De activiteit werd een webwinkel die Laura en Michael naast hun dagelijks werk (in de zorg en bij cacaofabriek Cargill) dreven.

‘Op die website stond ons adres in Assendelft. Binnen de kortste keren hadden we thuis iedere dag kopers over de vloer of mensen met vragen. Het werd zo druk dat de winkel op het Vlietsend een logische volgende stap was. Je kunt zeggen dat we noodgedwongen ondernemers zijn geworden. Ik bedoel dat we geen ondernemers waren die droomden van een eigen zaak, een visie hadden en een ondernemersplan. Het is ons allemaal overkomen.’

Kleine speler

Maar wel leuk?

‘Ja, we vinden het leuk dat we al heel veel mensen van het roken hebben kunnen afhelpen en genieten van het succes. We hebben een tweede winkel in Purmerend en twee webshops. We hadden noodgedwongen meer ruimte nodig en daar beschikken we nu over. We verkopen op dit moment honderdvijftig soorten vloeistof. De meeste in vier nicotinesterktes en ook zonder nicotine. Nieuwe medewerkers hebben een half jaar nodig om alle productkennis op te doen. En dan zijn wij nog maar een kleine speler in de markt, maar wel een met lage prijzen. De concurrentie is groot geworden en de ontwikkeling van producten gaat snel. Om mee te kunnen blijven spelen, moeten we de klanten steeds meer kunnen bieden.’

Heb je daar wel een winkel voor nodig?

‘Ja, want de helft van de omzet komt nog altijd uit de winkel. Stoppen met roken is een complex gebeuren. Wij zijn daar onderdeel van. Daarom moeten we veel uitleggen en mensen begeleiden. Onze klanten zijn voor het grootste deel veertigplussers die behoefte hebben aan persoonlijk contact en een goed advies. Dat doen we trouwens ook in de webshops in chatsessies. We zijn een winkel waar je producten koopt, maar wij zijn meer servicebieders dan verkopers.’

Een bijdrage van Jaap de Jong

Hier vind je onze regels

Reageren? Ja, graag!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *