Precies vijf jaar geleden luidde advocaat Anneke Wezel via De Orkaan de noodklok over wat zij toen al ‘uitsterfbeleid’ noemde: de sociale advocatuur die langzaam maar zeker wordt uitgekleed. We belden haar opnieuw. Is er in vijf jaar iets veranderd? Het korte antwoord: nauwelijks. Het langere antwoord is nog zorgwekkender.

Luister naar dit artikel · Rechtsbijstand op rantsoen: ‘Mensen worden op straat gezet’

Toen Wezel in 2021 sprak, ging het vooral over bezuinigingen en de steeds moeilijkere financiering van sociale rechtsbijstand. Inmiddels kwam daar een reeks ontwikkelingen bij, met de toeslagenaffaire als schrijnend voorbeeld van hoe burgers kunnen vastlopen in een systeem dat voor hen ondoorgrondelijk is. In haar werk – inmiddels ook als gemeentelijk ombudsman in Alkmaar – ziet zij hoe mensen verdwalen in taal, regels en digitale procedures.

Je ziet dat heel veel bewoners de weg kwijtraken in overheidsland. Ze verdwalen in de taal en in de regels. Vaak kun je minder goed nadenken over een situatie als je zelf in de problemen komt.

Volgens haar wordt er veel van burgers verwacht: dat zij digitaal vaardig zijn, zelf bezwaar maken, stukken verzamelen en termijnen bewaken. Maar wie in de problemen zit, denkt minder helder en heeft juist dan iemand nodig die overzicht biedt. De sociaal advocaat vervult daarin een rol die zij eerder al vergeleek met die van een huisarts: eerste hulp bij juridische nood. Alleen: het aantal ‘huisartsen’ neemt af.

Naast de financiële uitholling ziet Wezel een andere ontwikkeling die haar zorgen baart: een hardere manier van handhaven door gemeenten. Met name bij woningssluitingen – vaak op basis van artikel 13b van de Opiumwet – worden volgens haar zware besluiten genomen, met verstrekkende gevolgen voor bewoners.

De gemeente handhaaft soms heel hard. Er worden besluiten genomen die erg impactvol zijn, zoals het sluiten van woningen met dakloze gezinnen tot gevolg, terwijl er geen opvang is binnen de gemeente.

Ze vertelt over een zaak waarin een woning werd gesloten, maar na een procedure bij de rechtbank weer werd heropend. Dat betekent dat de oorspronkelijke beslissing niet zorgvuldig genoeg was. Maar om dat recht te halen, moet iemand wel de stap zetten naar een advocaat en vervolgens naar de rechter.

Je merkt dat de gemeente dergelijke besluiten soms onzorgvuldig neemt, terwijl deze enorme gevolgen hebben voor mensen.

Niet iedereen vindt die weg. Sommige mensen accepteren een sluiting of een sanctie, anderen raken dakloos en slapen in hun auto of onder een brug. Werk en uitkering gaan verloren, schulden lopen op. Problemen stapelen zich op en versterken elkaar.

Door die stapeling van problemen komen mensen steeds dieper in de ellende.

In Zaanstad ziet zij een duidelijke toename van woningsluitingen. De Orkaan schrijft geregeld over de gemeentelijke aanpak in Zaandam-Oost. Wezel herkent dat beeld en ervaart in de praktijk dat de toon harder is geworden.

Ik merk wel dat er een erg harde aanpak is vanuit Zaanstad. Ik zie daar niet altijd een luisterend oor bij de gemeente voor wat er aan de hand is. Mensen worden gewoon op straat gezet en dat boeit de gemeente op dat moment niet.

Volgens haar raken mensen hierdoor tussen wal en schip. De opvangcapaciteit is beperkt, terwijl de besluiten grote gevolgen hebben.

Na haar eerdere oproep werd landelijk extra geld beschikbaar gesteld voor de sociale advocatuur. Maar in de praktijk merkt zij daar weinig van. De vergoedingen zijn iets aangepast, maar tegelijkertijd zijn de regels strikter geworden.

Je krijgt misschien iets meer per zaak, maar je mag nu nog maar een beperkt deel van de rechtsgebieden doen, terwijl je vroeger alles combineerde. Veel advocaten kiezen voor ander werk vanwege de stabiliteit in inkomen.

Het gevolg is uitstroom. Collega’s stoppen of stappen over naar ander werk. Nieuwe aanwas ziet zij in de Zaanstreek nauwelijks. Complexe zaken waarbij ook de sociale advocatuur wel wordt ingeschakeld, kosten vaak meer tijd dan ze opleveren.

Het gros van de collega’s zeggen ik doe geen echtscheidingen meer want ik schiet er niks mee op.

Daar komt bij dat instanties als het Juridisch Loket beperkt bereikbaar zijn en dat sociaal wijkteams vooral vanuit hun eigen taakgebied kijken. Het idee dat mensen hun problemen zelf moeten oplossen, lijkt leidend in beleid.

Met geld is het altijd al zo geweest dat je meer kan pakken op je recht.

Wat vijf jaar geleden een waarschuwing was, klinkt nu als een sombere vooruitblik. We vragen haar hoe zij de toekomst ziet.

Ik vrees dat het dan is uitgestorven.

Dat zou niet alleen betekenen dat een beroepsgroep verdwijnt, maar ook dat de toegang tot het recht voor mensen zonder financiële middelen verder verschraalt. Wie geld heeft, kan procederen en gespecialiseerde bijstand inhuren. Wie dat niet heeft, moet hopen dat hij of zij ergens nog een advocaat vindt die het werk – soms noodgedwongen – ‘erbij’ doet.

Aan het eind blijft deze vraag boven het gesprek hangen: hoe stevig is de rechtsstaat als juridische hulp voor een groeiende groep mensen buiten bereik raakt?

Door: Merel Kan en Di-Lan Sun op basis van het interview dat Willem Croese 5 jaar geleden met Anneke Wezel had.