Je kunt je natuurlijk afvragen of de termen links en rechts tegenwoordig nog wel bruikbaar zijn. Maar bij het illustreren van een politieke tweedeling is en blijft het de meest heldere bewoording. Afgelopen weekend duidden wij de CU in een debat-aankondiging als ‘linkse oppositie’. Voormalig PvdA-steunfractielid Rienk Spiekstra vond dat opvallend: ‘Dat zou niet iedereen doen.’ Dat klopt, maar het is niet zonder reden.

Luister naar dit artikel · Waarom we de CU links noemen en DENK rechts🎧

Het antwoord van Jos Kerkhoven (DZ) op Spiekstra zijn opmerking: ‘Gezien het stemgedrag in de Zaanse Raad is dat geen verbazing’ klopt. Hoe dat zit met de data hebben we visueel weergegeven.

Percentage onderlinge steun aan moties en amendementen gemiddeld >70 procent.

De CU stemde voor meer dan 85 procent van de voorstellen van D66, ROSA, PvdA en GL. Dan heb je een tijdje niks tot je het CDA en de VVD tegenkomt rond 70 procent. De christenen stemmen in de raad het vaakst voor voorstellen van linkse partijen.

Dat geldt dan weer niet voor DENK; de partij stemt het vaakst voor POV-voorstellen, 85,7 procent. (De POV stemt voor minder dan de helft van de DENK-voorstellen, vandaar dat zij grafisch niet verbonden zijn.) Na de POV volgen de VVD en PVV op zo’n 80 procent.

Hoewel de partij DENK vaak als links wordt beschouwd, is dat niet wat het stemgedrag in de Zaanse raad uitwijst, en zo duiden wij de partij dan ook niet. Moties en amendementen zijn natuurlijk niet al wat telt. Als we alle stemmomenten optellen, gebeurt er iets anders: een visje (leuk!).

Percentage samen stemmen boven de 75 procent.

Het beeld verandert echter niet heel veel; de lijn gaat nog steeds van links naar rechts, PvdD naar PVV. CU nestelt zich nog steeds comfortabel aan de linkerkant en DENK aan de rechter; ze mogen nu wel een lijntje delen met de POV.

Een partij die zich niet als links of rechts (iets met rechtdoorzee) wil classificeren, is LZ. Die partij stemt 80 procent van de stemmomenten hetzelfde als PVV en DZ. DENK volgt op 76. POV en VVD staan rond de 70. Pas veel later volgen de linkse partijen. De minste overeenkomstigheid hebben ze met SP en PvdD, ongeveer de helft.

Wie LZ op de Zaanse links-rechtsas wil zetten, moet dus aan de rechterkant zijn.

Wie een concrete verdeling in blokken wil, kan grofweg kijken naar een rechts oppositieblok: PVV, DZ, LZ en DENK. Een rechts coalitieblok: CDA, VVD en POV. Een links coalitieblok: GL-PvdA en ROSA en hun vrienden: D66 en CU. Ten slotte is er een links oppositieblok: PvdD en SP.

Van FvD weten we het niet; de partij zit niet in de raad. Wij vermoeden dat de partij in het rechtse oppositieblok thuishoort.

Door Marijn Kerkhoven op basis van het stemgedrag van de partijen in de gemeenteraad van Zaanstad vanaf de verkiezingen van 2022 tot en met januari 2026. Opmerking: de DENK-data slaat enkel op de stemmingen sinds Erdoğan Şahin eind 2024 de raad in kwam. Het stemgedrag van vóór dat moment voor DENK is lastig afleidbaar. Gelukkig is het Şahin die voor DENK de verkiezingen in gaat.