In Zaanstreek-Waterland voelt een grote groep inwoners zich weleens onveilig. Tegelijkertijd blijft het aandeel mensen dat slachtoffer wordt van traditionele criminaliteit ongeveer stabiel, terwijl online criminaliteit juist toeneemt. Ook het aandeel inwoners dat discriminatie ervaart is licht gestegen

Dat blijkt uit de tweejaarlijkse Veiligheidsmonitor, een groot onderzoek onder ruim 200.000 Nederlanders van 15 jaar en ouder. Het onderzoek wordt uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid en het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Onveiligheidsgevoel

In 2025 gaf 38,8 procent van de inwoners van 15 jaar en ouder in Zaanstreek-Waterland aan zich weleens onveilig te voelen. In 2023 was dat 35,2 procent. Landelijk steeg het onveiligheidsgevoel ook: in 2025 voelde 37,2 procent van de Nederlanders zich weleens onveilig, tegenover 34,9 procent in 2023. Zaanstreek-Waterland ligt daarmee in 2025 1,6 procentpunt boven het landelijk gemiddelde. In 2023 was dat verschil 0,3 procentpunt.

Het onveiligheidsgevoel gaat hierbij niet alleen om daadwerkelijke criminaliteit, maar om de mate waarin mensen zich in het dagelijks leven onveilig voelen, bijvoorbeeld op straat, in het openbaar vervoer of in de eigen buurt. Het zegt dus vooral iets over beleving en vertrouwen in de leefomgeving.

Criminaliteit & overlast

Het aandeel inwoners dat slachtoffer werd van traditionele criminaliteit (zoals geweld, inbraak, diefstal en vernieling) is in Zaanstreek-Waterland nauwelijks veranderd. In 2023 werd 19,2 procent slachtoffer. In 2025 is dat 19,0 procent. Landelijk bleef dit percentage ongeveer stabiel rond de 20 procent.

Bij online-criminaliteit (zoals phishing, hacken en aankoopfraude) is het beeld minder positief. In 2025 werd 17,3 procent van de inwoners in Zaanstreek-Waterland slachtoffer. In 2023 was dat 15,9 procent. Landelijk lag het slachtofferschap van online criminaliteit in 2025 op 16,8 procent, terwijl het in 2023 op 15,6 procent lag. De regio ligt daarmee in 2025 iets boven het landelijke niveau.

Ook de sociale overlast in de buurt is in de regio iets afgenomen. In 2025 gaf 13 procent van de inwoners aan veel overlast te ervaren. In 2023 was dat 13,9 procent. Met sociale overlast gaat het om hinder van bijvoorbeeld rondhangende jongeren, luidruchtige buren, verwarde personen of drugsgerelateerde situaties in de wijk. Landelijk nam de overlast juist toe: van 12,9 procent in 2023 naar 14,3 procent in 2025.

Discriminatie

In Zaanstreek-Waterland was er een lichte stijging in het aandeel inwoners dat discriminatie ervoer. In 2025 gaf 13,7 procent aan zich in de afgelopen twaalf maanden gediscrimineerd te hebben gevoeld. In 2023 was dat 13,1 procent. Landelijk nam het percentage ook toe: van 10,8 procent in 2023 naar 11,6 procent in 2025. Daarmee ligt de regio in 2025 2,1 procentpunt boven het landelijke gemiddelde.

Minder mensen doen melding van discriminatie in de regio. In 2025 deed 9,7 procent van de inwoners met een discriminatie-ervaring melding. In 2023 was dat 10,7 procent. Landelijk daalde het meldingspercentage licht van 10,8 procent in 2023 naar 10,5 procent in 2025. Daarmee ligt het meldingspercentage in Zaanstreek-Waterland 0,8 procentpunt onder het landelijke gemiddelde.

Door Nick Boeske, op basis van de Veiligheidsmonitor 2025 en 2023. Foto: Michel Schermer.