Afsluiting Oostzijde voor de rechter

Al vier jaar loopt de procedure over het afsluiten van de fiets-onderdoorgang bij het A8-viaduct in de Oostzijde. Bedrijven aan de Oostzijde vinden de fietsroute gevaarlijk en hebben de gemeente gevraagd om afsluiting.

Gister troffen de gemeente Zaanstad (die wil afsluiten) en de Fietsersbond Zaanstreek (die de route open wil houden) elkaar voor de rechtbank in Haarlem. Die zal volgende maand uitspraak doen.

De Fietsersbond, Afdeling Zaanstreek, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de gemeente om de onderdoorgang af te sluiten.

De gemeente is het eens met de bedrijven dat de route gevaarlijk is. Volgens de Fietsersbond zijn er echter vanaf 2010 geen ongevallen bekend op dat stuk waarbij vrachtauto’s en fietsers zijn betrokken (in september 2018 is een scooter-passagier omgekomen, dat was een ‘eenzijdig’ ongeluk en gebeurde midden in de nacht).

Volgens directeuren van ZOR en Albert Keizer was er veel overlast van met name toeristen, die niet zo vaardig zijn op de fiets. Valentijn Sessink en Rob Wolvers betoogden namens de Fietsersbond dat de hoofdfietsroute via bewegwijzering al verlegd is waardoor de grootste stroom (toeristische) fietsers niet meer via de Oostzijde fietst. Ook zetten zij vraagtekens bij de veiligheid van voorgestelde alternatieve route langs de Scholtenstraat.

De gemeente liet foto’s zien om het gevaar op de Oostzijde te onderstrepen. Een deel van de foto’s zijn afkomstig van bewakingscamera’s van Albert Keizer, die kennelijk een deel van de openbare weg in de gaten houdt. De directeur van Keizer stelde dat ze met een mobiele telefoon waren genomen maar de tekst op de foto’s maakt duidelijk dat ze met een ‘DOME’-beveiligingscamera zijn gemaakt.

Volgens de fietsersbond zijn er geen gevaarlijke situaties te zien op die foto’s, wel veel geparkeerde vrachtwagens, maar geen acute noodsituaties. De bond stelt wel dat te zien is dat de bedrijven vorkheftrucks zonder bescherming over de openbare weg laten rijden:

“Als dat de gevaarlijke situaties zijn waarop Keizer en ZOR doelen, dan hebben ze die toch echt zelf veroorzaakt en dient de gemeente te handhaven. Maar handhaving was volgens de aanwezige ambtenaren niet mogelijk, omdat ‘die situatie nu eenmaal zo gegroeid is’.”

In de eerste stukken die Zaanstad openbaar maakte was ook sprake van uitbreiding van bedrijfsactiviteiten in het gebied. De gemeente stelde op de zitting dat het verkeersbesluit daar volkomen los van stond (de tekst van de gemeente destijds: “groei van deze bedrijven op de huidige locatie kan alleen plaatsvinden, indien dit enigszins ten koste van het gebruik van de openbare ruimte mag gaan”).

Beelden van de bewakingscamera (DOME 2) van een groep fietsers in de Oostzijde in april 2018.

3 Reacties op Afsluiting Oostzijde voor de rechter

  1. Henk B schreef:

    Gaat niet over de veiligheid voor fietsers maar over uitbreiding van het “fabrieksterrein”, is ook al eerder gebeurd bij de naastgelegen cacaofabriek. De fietsers zijn “lastig”, men kan dan niet meer blind rondscheuren.

  2. Herman Aartsen schreef:

    Sinds wanneer is een gegroeide illegale toestand niet meer te handhaven? Hebben de vorkheftrucks, die zich op de openbare weg begeven wel een WA verzekering zoals wettelijk vereist?

  3. Rob Wolvers schreef:

    Natuurlijk gaat het om bedrijfsbelang en wordt de verkeersveiligheid er met de haren bijgesleept.

    Hoe valt het te rijmen dat dat stuk Oostzijde in 2014 nog veilig werd bevonden, maar in de raadsinformatiebrief van december 2017 ineens “potentieel onveilig” genoemd werd? Of dat de alternatieve route, eerder onveilig, nu wel ineens “veilig” is? Aan het aantal verkeersbewegingen kan het in elk geval niet liggen: sinds 2010 zijn geen tellingen meer uitgevoerd en de fietsroute voor toeristen  is inmiddels al omgeleid.

    Bij gebrek aan cijfers repte de gemeente in de rechtbank dan maar over “autonome groei” van zowel verkeersbewegingen als bedrijfsactiviteiten. Maar over economische groei waren de directeuren van ZOR en Keijzer duidelijk: op de huidige locatie is groei niet mogelijk: “Wij zitten vol”.

    Dus toch weer even die eerdere passage uit de raadsinformatiebrief memoreren waarin sprake was van het opofferen van openbare ruimte om uitbreiding van bedrijfsactiviteiten te faciliteren. Bedenk dan ook nog dat die brief geschreven werd door een contactambtenaar voor ondernemers en níet geïnitieerd is vanuit de afdeling Verkeer dan is duidelijk dat vanaf het begin bedrijfsbelang bóven verkeersveiligheid werd geplaatst. Dat is niet alleen weinig transparant gebeurd, dat is vooral heel erg cynisch.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *