Volgens het CDA en LZ moeten arbeidsmigranten die niet ingeschreven staan in de Basisregistratie Personen (BRP) ‘verblijfsbelasting’ gaan betalen. De partijen stellen dat zij gebruikmaken van ‘de voorzieningen’, maar hier niet aan bijdragen. Om hoeveel arbeidsmigranten het precies gaat, is niet duidelijk. Ook hoe deze gecontroleerd zouden moeten worden, is onduidelijk.

De partijen stellen in hun vragen aan het college hierover dat: ‘Het doel is om deze groep (arbeidsmigranten) te laten bijdragen aan de gemeentelijke voorzieningen en dat een inschrijving in de BRP wordt gestimuleerd.’ Dat is ook het doel van de regeling in Helmond waar de partijen zich op baseren.

In Helmond wordt geen nieuwe belasting ingevoerd; verblijfsbelasting is eigenlijk gewoon toeristenbelasting en zal vanaf nu zo genoemd worden.

Huurverhoging

Verhuurders die aan arbeidsmigranten zonder BRP-inschrijving verhuren, zouden een extra toeslag van € 7,87 per dag moeten betalen. Dat is wat Zaanstad in 2026 aan toeristenbelasting rekent. Arbeidsmigranten zonder inschrijving zouden volgens deze regeling dus zo’n € 240,- per maand moeten bijdragen aan de gemeentekas.

Dat is fors meer dan in Helmond, waar de toeristenbelasting € 4,50 per dag bedraagt. In het model van Helmond zou dit allemaal automatisch gebeuren als het bij de gemeente bekend is. Ook wordt van verhuurders gevraagd om het bij de gemeente te melden als zij arbeidsmigranten huisvesten.

Hoe dit in Zaanstad zou moeten gaan werken, is maar de vraag. Wordt er handmatig gecontroleerd? Hoe gaat de gemeente de arbeidsmigranten die onder de radar van de overheid opereren belasten als deze… onder de radar van de overheid opereren?

Uitzondering

Zaanstad heeft ook een andere regeling dan de gemeente Helmond. Volgens de verordening van Zaanstad geldt er een uitzondering voor ‘arbeidsmigranten in andere onderkomens dan hotels, hostels, pensions, bed & breakfasts, vakantieonderkomens, mobiele kampeeronderkomens, gehuurde kamers, en andere onderkomens die doorgaans mede voor vakantie- en recreatiedoeleinden worden verhuurd, en onderkomens op kampeerterreinen en camperplaatsen.’

De partijen vinden dat er zo een verschil ontstaat in aantrekkelijkheid tussen hotels en andere verblijfsvormen. Hoe groot de groep is die in andere vormen van huisvesting verblijft in Zaanstad, is niet bekend. Waar het CDA en LZ het vandaan hebben dat dit ‘in de praktijk een groot deel van de huisvesting betreft’, zoals zij stellen in hun vraagstelling, is eveneens onduidelijk.

Onderzoek

Uit onderzoek van onderzoeksinstituut Risbo (Erasus Universiteit) in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid blijkt dat meer dan de helft ingeschreven is in de BRP. De grootste groep daarna, tot wel een kwart, zegt het niet zeker te weten. Een kleiner deel is niet ingeschreven en het allerkleinste deel valt onder de Registratie Niet-Ingezetene (RNI).

Die RNI is bedoeld voor mensen die korter dan 4 maanden in Nederland verblijven; deze geldt enkel voor arbeidsmigranten. Statushouders moeten zich direct inschrijven bij de BRP; asielzoekers zonder verblijfsvergunning kunnen zich na zes maanden inschrijven.

Een aanzienlijk deel van de arbeidsmigranten weet helemaal niet of zij is ingeschreven. De vraag is wat de effectieve huurstijging van € 240 per maand zal doen om hen aan te moedigen zich in te schrijven.

130 WML betekent 130 procent van het wettelijk minimumloon

Door Marijn Kerkhoven op basis van de vragen van CDA en LZ, Binnenlandsbestuur .1, Binnenlandsbestuur .2, het COA en de verordening toeristenbelasting Zaanstad 2026, Figuur en informatie uit Jaarrapportage arbeidsmigranten 2024. Foto: ‘Migrantenhotel’ in Achtersluispolder. Later werd dat ‘logiesgebouw’ genoemd en ’tijdelijke migrantenhuisvesting’ – of de bewoners ingeschreven zijn bij BRP weten wij niet. Ze betalen geen toeristenbelasting volgens de gemeente.