Vergunning ‘lunchcafé’ terecht ingetrokken door Zaanstad

De Raad van State vindt dat Zaanstad in januari 2017 terecht de vergunning ingetrokken heeft van een ‘lunchcafé’ dat tegelijkertijd een illegaal ‘jongerencentrum’ runde.

Drugshandel, overlast en intimidatie zorgden voor klachten, bovendien hield de eigenaar zich niet aan de exploitatieregels. Binnen een maand werd het ‘lunchcafé’ gesloten. Terecht dus volgens de rechtbank.

Het ‘lunchcafé’ in Poelenburg werd in november 2016 geopend, in september van dat jaar waren er ernstige ongeregeldheden in Poelenburg na de publiciteit over de video’s die Ismail Ilgun had gemaakt. Al na een maand kreeg de exploitant te horen dat de vergunning zou worden ingetrokken, op 16 december 2016 werd de zaak gesloten door waarnemend burgemeester Vreeman:

“Volgens de burgemeester exploiteerde [appellant] [lunchcafé] feitelijk als jongerencentrum terwijl hij daarvoor geen vergunning had, was [appellant] niet altijd aanwezig terwijl hij daartoe op grond van de Apv wel verplicht is en droeg hij geen zorg voor een goede gang van zaken in [lunchcafé] en de directe omgeving daarvan. Volgens de burgemeester heeft deze wijze van exploitatie van [lunchcafé] voor veel overlast gezorgd en vormde deze daarom een gevaar voor de openbare orde.”

Dat zou al op 18 november 2016, dus vlak na de opening, na een bezoek van de politie zijn geconstateerd. De eigenaar, vader van de exploitant, zei tege de politie toe dat het een jongerencentrum was. De overlast bestond uit rondhangen (tot diep in de nacht), rokende jongeren voor de deur, het dealen van drugs, het achterlaten van afval (waaronder lachgas-capsules) en intimidatie.

Maar dat was nog niet alles. De eigenaar stelde dat Jeugdboa’s en de politie niet langer welkom in het café waren. De Jeugdboa’s hadden geconstateerd dat het geen lunchroom was:

“Er lagen geen menukaarten op tafel en er werd geen eten geserveerd. Wel stond een aantal waterpijpen op tafel en dronk een persoon alcohol.”

Bovendien werden er personen in het café gesignaleerd die een gebiedsverbod hadden. Daarvan is 14 keer een proces-verbaal opgemaakt. Eén persoon werden afgevoerd met een overdosis GHB. De eigenaar verklaarde niets te zullen doen tegen de overtreders van de gebiedsverboden.

De exploitant stelde dat het helemaal geen jongerencentrum was en dat het niet zijn bedoeling is geweest om in strijd met de exploitatievergunning te handelen. Sinds de officiële intrekking van de vergunning in januari 2017 lopen er juridische procedures, ruim 2 jaar na de sluiting, eind februari 2019 werd de zaak in hoger beroep door de Raad van State behandeld. Vorige week is de uitspraak openbaar gemaakt.

foto: Lobeluisstraat Poelenburg vanuit de lucht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *