Fundering molen De Vrijheid Wormerveer blootgelegd (filmpje)

Tijdens werkzaamheden aan de Noorddijk in de Wormerveer, bij het complex van Brokking dat gesloopt wordt, zijn de resten blootgelegd van de fundering van oliemolen de Vrijheid die daar ooit stond.

De molen werd in 1742 gebouwd als pelmolen, rond 1780 werd de molen ingericht als oliemolen. De Vrijheid werd in 1896 afgebroken en verplaatst naar Alkmaar om daar als meelmolen (De Wachter) dienst te doen. Daar werd de molen in 1918 gesloopt.

De mannen van Otterdvd maakten een filmpje van het werk.

5 Reacties op Fundering molen De Vrijheid Wormerveer blootgelegd (filmpje)

  1. Winnie de Wit schreef:

    Prachtig filmpje weer van Otter DVD!
    Zullen we een inzameling op touw zetten voor een goede – anti-windgeluid – microfoon voor deze mannen? Zo jammer dat je een deel van de fantastische uitleg van Bart Nieuwenhuijs gewoon niet kan verstaan…
    Of misschien kan de gemeente hen wat subisiëren: ze doen tenslotte ongelooflijk belangrijk historisch documentatiewerk…

  2. Bert Versteeg schreef:

    Prachtige film, jammer dat de olielelders (nog) niet zijn gevonden.

    In het commentaar wordt gesproken over een voorslag en een 2e slagwerk.
    Het is dus een dubbele oliemolen geweest.
    De eerste oliemolens die werden gebouwd hadden een enkel oliewerk, later kwamen er dubbele oliemolens die een voor- en naslag hadden waardoor er ca 25 procent meer olie uit het zaad kon worden geperst.
    Het oliehoudende zaad ( met name kool-, raap-, en lijnzaad) werd in een buul (zak) gedaan en vervolgens werd deze buul in de laad geplaatst waarna het olieslaan begon. Na deze 1e persing – de voorslag – werd de buul weer uit de laad gehaald waarna het restant – de oliekoek – uit de buul werd gehaald.
    Vervolgens werd de oliekoek onder maalstenen fijngemalen waarna dit meel op een vuister werd verwarmd waarna het weer in een buul werd gedaan waarna een 2e persing volgde in de naslag.
    De olie werd opgevangen en in oliekelders gedaan en de overgebleven oliekoeken werden als veevoer verkocht.
    De olie werd gebruikt voor voorlichting en als grondstof voor verf.
    Vooral in Wormerveer ( maar ook in Wormer) stonden veel oliemolens.
    Aan de oliemolens hebben de Wormerveerders hun bijnaam Gladoren te danken. De stampers maakten veel lawaai en als er iets tegen een olieslager werd gezegd hield hij zijn vette hand achter zijn oor om het te kunnen verstaan.

    • Arnold schreef:

      Leuke bijdrage Bert! Hebben weer wat geleerd dit weekend.

    • Bert Versteeg schreef:

      voorlichting moet natuurlijk verlichting zijn .

      • Bert Versteeg schreef:

        De tekst klopt niet helemaal want volgens de database van verdwenen molen was de lading van de molen verzekerd in het Olieslagerscontract op 8 mei 1751, de molen zelf werd op 3 mei 1783 verzekerd.
        De molen moet dus voor 8 mei 1751 zijn omgebouwd tot oliemolen.
        Jan van Straten kreeg op 18 juli 1742 de windbrief. Een windbrief was een bouwvergunning.
        Volgens molenkenner Ron Couwenhoven behoorde de molen tot de grootste oliemolens van de Zaanstreek.
        De molen was uitgerust met twee dubbele oliewerken en had nog een enkelwerk voor het slaan van hennepzaad.
        In het noorden van Wormerveer – tussen de Kerkstraat en Westknollendam – stonden maar liefst 13 molens ( 11 oliemolens en 2 zaagmolens) langs de Zaan en de Vrijheid was gezien vanuit het noorden de 2e molen. Hij stond tussen de Groeneboer en de Boerenjongen in.
        Vanuit het noorden gezien stonden er de volgende molens: Groeneboer, Vrijheid, Boerenjongen, Boerin, Bezem, Dolfijn, Kikker, Witte Bijl, Bonte Kraai, Vos, Schilp , Rozenboom en Haas.
        Van dit rijtje molens is de Boerin, de 4e molen gezien vanuit het noorden, misschien wel de bekendste omdat de onderbouw en de schuur pas in 1968 zijn gesloopt nadat de kap en bovenbouw en stelling in 1900 zijn gesloopt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *