Martin Rep: het einde van een bloeiende kruidenierswinkel

De oude kruidenier, zijn dwarse zoon en zijn schrijvende kleindochter: hoe het verder ging.

Wat vooraf ging: op verzoek van mijn vriend, oud-Zaandammer Ton Kee doe ik de laatste correcties aan het nieuwe boek van zijn dochter Sara. Tijdens het overleg komen tal van herinneringen aan de winkel van de vader en oom van Ton Kee naar boven.

Tweede en laatste deel: hoe een kleine kruidenierswinkel groeide en bloeide maar uiteindelijk gedoemd was te verdwijnen. 

Door Martin Rep

Ik ben klaar met de correcties in het laatste verhaal van het boek van Sara, de kleindochter van de Zaandamse kruidenier Teun Kee. Ik vraag me af of haar opa wel zo ingenomen zou zijn geweest met het boek. Het woord ‘God’ komt er immers niet in voor. Sara heeft niet zo veel met het geloof, haar moeder is onkerkelijk opgevoed en haar vader Ton heeft de kerk lang geleden verlaten nadat hij in Amsterdam ging studeren en bij de linkse studentenbeweging terecht kwam. 

Thuis aan de Tuinstraat was dat wel anders. Ton mailt mij:

“We werden echt ondergedompeld in het geloof en wisten heel goed dat het voor onze ouders van groot belang was. Bidden voor en na het eten, bijbellezen na bijna elke maaltijd, kerkgang op zondag, psalmgezang in huis; er was een volkomen vanzelfsprekende aanwezigheid van iets belangrijks dat wordt aangeduid als God.”

Toen Ton wat ouder werd, ging hij met zijn vader mee naar de gereformeerde Stationsstraatkerk en mocht hij naast hem in de diakenenbank zitten:

“Dan zat ik daar al ruim tevoren, zag iedereen binnenkomen en dan kon ik lekker zwaaien naar bekenden. Mijn vader gaf me potlood en papier waarop ik tijdens de preek een tekening kon maken.”

Vader Teun bepaalde de agenda in huis. Moeder Annie wilde ook wel eens weg, maar dat vader een vergadering zou verzuimen omdat zijn vrouw andere plannen had, was onbespreekbaar. Zij was dol op zang, maar ze mocht pas op het kerkkoor en, later, de Christelijke Oratoriumvereniging COV, toen haar oudste dochter twaalf jaar was geworden en groot genoeg werd geacht om op de kleintjes te passen.

De familie Kee in najaar 1946. Lies, de zus van Ton Kee, is hier ruim een jaar oud. Verder vlnr Meta de Vries (vrouw van Jo en moeder van neef Ton), oma, Jo, Guda, Annie Kee-Bart (Tons moeder), Liesje Kee, opa en Teun.

Het is duidelijk dat vader en moeder Kee verschillende belevingswerelden hadden. Schoondochter Ria van Ruiswijk, de echtgenote van Ton, wijdt een halve eeuw later een column aan Teun Kee in haar bundel ‘Prettige dag verder’ (uitgegeven bij de uitgeverij waar ook dochter Sara publiceert), die, weinig verrassend, niet zo vleiend is:

‘Mijn schoonvader was niet blij met mij. Dat zijn zoon nu net met mij moest aankomen: een gescheiden vrouwtje en ongelovig bovendien. Als dominante pater familias was hij gewend zaken en gezin naar zijn hand te zetten. En ja, deze schoondochter had hij niet uitgekozen. Zijn strategie, of misschien ook wel zijn onhandigheid, was: mij negeren. Bij zo’n bezoek ging het vooral over alles en iedereen in Zaandam.’

Later is het overigens wel goed gekomen tussen Teun Kee en Ria. 

‘… soms heb ik zomaar een herinnering aan zijn ‘Zaanse humor’ en aan dat hij een hele lieve opa was voor onze kleine Sara.’

Trouwerij Teun Kee

Sara zelf, van wie ik het boek aan het corrigeren ben, vond Teun juist weer wel een aardige opa met gekke rijmpjes en grapjes. Ze was negen toen hij stierf en heeft een heldere herinnering aan hem, zo vertelt zoon Ton mij.

Toen Ria en Ton elkaar leerden kennen, was de kruidenierszaak al over zijn hoogtepunt heen. De neergang was in de jaren zestig begonnen. Tien jaar eerder, in 1958, ging het nog zo goed dat de twee broers zich een verbouwing tot een zelfbedieningszaak konden veroorloven.

Fam. van Mouwerik

De winkel was opgericht in 1871 door Jochem van Mouwerik, de grootvader van Teun en Jo. Zij namen de zaak in 1957 over van hun vader, Anton Kee, de schoonzoon van de oprichter. De zaak behield de naam Van Mouwerik, al hadden de meeste klanten het over ‘Kee’. Ik ben er een enkele keer binnen geweest, voor boodschappen die ze bij Graauw niet hadden. Ik herinner me een traditionele, wat schemerige winkel, met een ouderwetse toonbank waarop een weegschaal stond waarmee de bestellingen werden afgewogen, en ik ben verbaasd dat daar twee gezinnen van konden leven.

Ton Kee helpt me uit de droom:

“Dat was eigenlijk de periode dat het het beste ging. In die tijd was een toonbank nog helemaal niet ouderwets, die stond in iedere winkel. Ook bijvoorbeeld nog bij Albert Heijn, De Gruyter, Simon de Wit en de HEMA. Daar moest je iets vragen of aanwijzen bij een meisje achter een toonbank en dan pakte zij dat voor je.”

Maar het tij keerde voor de kleine middenstanders. De concurrentie van de grote supermarkten werd steeds scherper. Tegelijkertijd nam de trouw van de klant aan de kleine kruidenier steeds verder af.

In 1979 besloten de broers de handdoek in de ring te gooien. ‘Voornaamste redenen zijn leeftijd en gezondheid’, schrijft dagblad De Typhoon in een interview met beide ondernemers.

‘Een werkweek van om en nabij de vijfenzestig uur valt op onze leeftijd niet mee’, aldus Teun Kee. […] Als opvolger heeft zich nog niemand aangemeld. De kinderen hebben er geen zin in.’

Teun en Jochem Kee stoppen ermee: krantenartikel uit december 1979.

Het verdroot Teun zeer dat geen van zijn kinderen de zaak wilde overnemen. Zoon Ton werd geen kruidenier maar verhuisde na zijn studie naar Groningen, waar hij directeur werd van de kunstacademie en ook nu, na zijn werkend leven, nog altijd actief in de weer is in het culturele leven.

Gelukkig vond vader Kee na het sluiten van de zaak nog wel elders werk. De laatste jaren werkte hij in een slijterij. Zelf was hij geen liefhebber van alcoholische drank, maar hij genoot van de mooie gesprekken die hij met de vaste klanten kon voeren.

De laatste jaren met zijn vrouw samen waren moeizaam. Zij overleefde een eerste hersenbloeding, maar een tweede werd haar op 77-jarige leeftijd fataal. Bij haar begrafenis stond de muziek centraal, want dat was de grootste vreugde in haar leven geweest.

Ton heeft uiteindelijk een goede relatie met zijn vader gekregen, al was hij met het geloof een andere weg gegaan. Ton: “Ik zeg altijd: ik ben niet gelovig, maar wel religieus.”

De voormalige winkel aan de Zuiddijk is verbouwd tot woonhuis, net zoals Sigarenmagazijn Rep aan de Meidoornstraat weer een gewone woning is geworden. Kee, Rep en de andere echte mannenbroeders zijn verdwenen. De protestantse gemeente heeft in Zaandam nog maar één kerkgebouw over, de Noorderkerk. Maar dat is het laatste waar Sara Kee, de schrijvende nazaat van de kruidenier, zich zorgen over maakt. Zij heeft haar handen vol aan de thema’s van haar eigen tijdperk en niet die van haar opa.

Sara Kee

Ria van Ruiswijk: Prettige dag verder, Uitgeverij Van Maaskant Haun. Zorgvlied. €14,99. Meer info: https://vanmaaskanthaun.nl/?s=prettige+dag+verder

Sara Kee: Patiënt Hero, Oefeningen voor de apocalyps. Uitgeverij Van Maaskant Haun, Zorgvlied. €17,99. Verschijnt 1 oktober.

Éen reactie op Martin Rep: het einde van een bloeiende kruidenierswinkel

  1. Wat een mooi verhaal! Heel herkenbaar. Het geloof was in ons gezin ook het middelpunt. Wanneer ik vroeger met een jongen thuis kwam, was ook de eerste vraag of hij van de kerk was. Zo niet dan deugde hij niet. Dat was echt heel moeilijk om te accepteren vooral omdat de tijden gingen veranderen. Vaders wil was echt wet, ook bij ons.

Hier vind je onze regels

Reageren? Ja, graag!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *